Generatiemanagement, bewustwording en instrumentontwikkeling t.b.v. rijksgesubsidieerde musea
Bedrijfsgegevens
Organisatie:Vereniging van Rijksgesubsidieerde MuseaOmvang:0 (nog niet bekend)
Sector:overige dienstverlening
Sector specifiek:
Contactgegevens
Contactpersoon:Hofmeijer, H.G.A.E-mail:hhofmeijer@derijksmusea.nl
Projectgegevens
Projecttype:Voorlichting en bewustwordingProjectbeschrijving:
Vereniging van rijksgesubsidieerde musea:
De VRM is de brancheorganisatie van de voormalige Rijksmusea en daaraan gelijkgestelde musea van nationaal belang. De VRM faciliteert het cultureel ondernemerschap en het museaal functioneren op hoog niveau van haar leden door middel van het afsluiten van Collectieve Arbeidsovereenkomsten en belangenbehartiging bij de opdrachtgever, de Rijksoverheid en de samenleving. Kern daarbij is te bewerkstelligen dat de personele en financiële randvoorwaarden waarbinnen musea functioneren hen daartoe optimaal ondersteunen.
Aanleiding:
Het onderwerp leeftijdsbewust personeelsbeleid leeft reeds geruime tijd bij de sociale partners, maar er is nog geen duidelijk beeld van hoe concreet aan dit beleid gewerkt kan worden. De noodzaak om hieraan te werken is echter groot vanwege de sterke vergrijzing in de sector en de geringe in- en doorstroom. Onder individuele leden van de branche leeft het onderwerp nog nauwelijks en zal moeten worden gewerkt aan de bewustwording van het probleem. Onder medewerkers van de musea leeft het thema helemaal niet.
Doelstelling project
Met dit project wil VRM het volgende bereiken:
- Inzicht in knelpunten binnen museale bedrijven t.a.v. de ontwikkeling van de branche.
- Inzicht in de mogelijkheden van medewerkers om hieraan mede vorm te geven.
- Het ontwikkelen van draagvlak onder musea en sociale partners voor gerichte instrumenten om oudere medewerkers gezond de eindstreep te doen bereiken
- Daadwerkelijk gebruik van instrumenten door blijvende beschikbaarheid van resultaten.
Activiteiten en resultaten:
Activiteit 1:
Allereerst is er informatie verzameld over de ontwikkeling van de musea en de kansen/bedreigingen die dat voor de medewerkers met zich meebrengt. Dit is gedaan d.m.v. een deskresearch en met gesprekken en interviews met relevante stakeholders. Het heeft geleid tot een rapportage “knelpuntanalyse museale strategie en personeelsbeleid”.
Activiteit 2:
Vervolgens werden medewerkers uit alle lagen van de museale organisaties m.b.v. enquêtes bevraagd naar hun beelden van hun eigen positie en wat voor sterkten/zwakten zij zien in de relatie tot de komende ontwikkelingen. Er is inzicht verkregen in de personeelsopbouw van de musea. De mening van de werknemers kan als volgt worden samengevat:
- Tevredenheid: Tevreden tot zeer tevreden.
- Betrokkenheid: De betrokkenheid is hoog en naarmate de werknemer ouder is is de betrokkenheid groter.
- Werklast: De werklast is positief. Naarmate de werknemer ouder is, vindt hij het werk zwaarder maar minder saai.
- Werktijden: Medewerkers zijn tevreden over de invloed op de werktijden. Naar mate de werknemer ouder wordt heeft hij eerder voldoende verlofdagen.
Activiteit 3:
Er hebben zes rondetafelgesprekken plaatsgevonden met alle musea onder professionele begeleiding. Per gesprek werden vier a vijf deelnemers uit de lagen directeur, P&O. OR en middenkader uitgenodigd. Tijdens deze gesprekken werden de resultaten van de eerdere fases van het onderzoek gepresenteerd en besproken in een gezamenlijke discussie, onder professionele begeleiding. Daarna heeft met de sociale partners een vergelijkbaar gesprek plaatsgevonden om lijnen te trekken naar de CAO.
Activiteit 4:
Op branche niveau zijn nieuwe CAO-afspraken gemaakt die gebaseerd zijn op uitspraken van het onderzoek. Bv. wordt nu verplicht dat met alle medewerkers ontwikkel-functioneringsgesprekken worden gevoerd op basis waarvan een ontwikkelplan voor de museale organisatie dient te worden geschreven en er is budget vrijgemaakt om dit plan uit te voeren. Doel hiervan is de musea te stimuleren tot actief loopbaanbeleid voor zowel jongere als oudere werknemers en na te denken over de versterking van interne en externe mobiliteit van de medewerkers.
Activiteit 5:
Het eindrapport van het project is verspreid via de eigen website van de VRM en ter beschikking gesteld aan de P&O-ers, directeuren en ondernemingsraden. Een handzame rapportage voor de medewerkers wordt nog opgesteld.
Klik hier om het rapport te downloaden.
Conclusie:
Dit project was een zeer verhelderende en zeer nuttige ervaring voor de branche. Het heeft o.a. duidelijk gemaakt dat er iets moet gebeuren in de branche die in vergelijking met Nederland sterk vergrijsd is. Van oudsher heeft de branche een sterke werkgeverspositie op de arbeidsmarkt maar men realiseert zich dat dat zonder inspanningen niet zo blijft.
Een andere duidelijke conclusie is dat je niet vaak genoeg kunt communiceren. Door steeds terug te koppelen, gedurende het hele proces, blijft men erbij en dringt de boodschap dieper door.
Terug naar overzicht praktijkvoorbeelden



